© Skiinformatie.nl

20-jarige skiër veroordeeld na dodelijke botsing

De 20-jarige skiër die in Maria Alm fataal botste met een 65-jarige toerskiër is veroordeeld tot een geldboete van € 2880,-. De rechtbank achtte hem schuldig aan dood door schuld, maar niet aan de zwaardere vorm waarvan hij aanvankelijk werd beschuldigd. Het vonnis is definitief.

In het kort

  • De 20-jarige skiër is veroordeeld tot een geldboete van € 2880,-.
  • Hij moet ook de kosten van de rechtszaak betalen.
  • Het vonnis is al definitief.
  • De aanklacht werd afgezwakt van grove naar gewone nalatigheid.
  • Een deskundige schatte zijn snelheid op 60 tot 70 km/u.
  • De skiër hield zich volgens de deskundige niet aan de regel dat je op zicht moet kunnen stoppen.
  • De 65-jarige toerskiër mocht op de betreffende piste omhooglopen.

Rechter legt geldboete op

De rechtszaak vond op donderdag 30 juli plaats bij de rechtbank in Salzburg. De 20-jarige man uit de regio Pongau bekende dat hij te snel had geskied en werd veroordeeld wegens dood door schuld. Hij moet een onvoorwaardelijke geldboete van € 2880,- en de proceskosten betalen. Zowel het Openbaar Ministerie als de verdediging accepteerde de uitspraak, waardoor het vonnis direct definitief werd.

Fatale botsing achter pistebult

Het ongeluk gebeurde op 7 februari 2026 op de Schwarzeckalmabfahrt in Maria Alm. De 20-jarige skiede met vier vrienden naar beneden en volgde zijn vooropgaande, plaatselijk bekende reisgenoten over een onoverzichtelijke pistebult. Direct achter die bult liep de 65-jarige toerskiër langs de piste omhoog. De twee wintersporters botsten met grote kracht op elkaar en raakten allebei zwaargewond. De toerskiër overleed later in het ziekenhuis aan ernstig hoofdletsel.

Ook de jonge skiër liep een hersenschudding en een oppervlakkige hersenbloeding op. Hij moest een week in het ziekenhuis blijven en verklaarde tijdens de rechtszaak dat hij zich de botsing zelf niet meer kan herinneren. Geen van beide wintersporters droeg een helm.

Skiër ging naar schatting 60 tot 70 km/u

Een deskundige schatte dat de skiër vlak voor het ongeluk ongeveer een snelheid van 60 tot 70 km/u had. Volgens de expert hoeft dat op een overzichtelijke piste voor een zeer goede skiër geen uitzonderlijke snelheid te zijn.

De situatie was hier echter niet overzichtelijk. De 20-jarige kon niet zien wat zich achter de pistebult bevond en had zijn snelheid daarop moeten aanpassen. Volgens de deskundige hield hij zich daardoor duidelijk niet aan de FIS-regel dat een wintersporter op zicht moet skiën en tijdig moet kunnen reageren. De verdachte erkende tijdens de behandeling dat hij te snel was en de naderende bult niet had opgemerkt. Volgens zijn advocaat sprong hij niet bewust, maar werd hij door zijn snelheid kort van de grond getild.

Aanklacht tijdens rechtszaak afgezwakt

Aanvankelijk werd de skiër vervolgd wegens grof nalatig handelen. Daarop zou een aanzienlijk zwaardere straf kunnen volgen dan op gewone nalatigheid. Tijdens de rechtszaak ontstond echter discussie over de vraag of zijn snelheid hoog genoeg was om van grove nalatigheid te spreken. De rechter verwees naar eerdere uitspraken van het Oostenrijkse Hooggerechtshof, waarin een snelheid van meer dan het dubbele van wat onder de omstandigheden verantwoord is een belangrijke rol speelt.

De deskundige sloot vrijwel zeker uit dat de 20-jarige zoveel skiedde dan ter plaatse gebruikelijk en veilig was. Het Openbaar Ministerie verlaagde de aanklacht daarom naar gewone nalatigheid, waarna de geldboete volgde.

Waarschuwingsbord mogelijk niet voor de bult

Voor de bewuste plek stond een bord met de tekst ‘Achtung langsam!’. In de eerste berichtgeving werd aangenomen dat dit bord skiërs specifiek waarschuwde voor de onoverzichtelijke pistebult.

Volgens de deskundige wees het bord waarschijnlijk vooral op een houten weg die de piste kruist. Dergelijke pistebulten zouden in skigebieden op honderden of duizenden plaatsen voorkomen, meestal zonder apart waarschuwingsbord. Dat veranderde niets aan de conclusie dat de skiër te snel ging voor het zicht dat hij op dat moment had.

Toerskiër was legaal op de piste

De 65-jarige toerskiër mocht op deze piste omhooglopen, mits hij zich aan de geldende regels hield. Voor pistentoerskiërs geldt onder meer dat zij zo veel mogelijk langs de rand van de piste moeten lopen. Er was op de dag van het ongeluk ook een alternatieve route over een niet-geopende piste beschikbaar. De aanwezigheid van dat alternatief betekende volgens de beschikbare informatie echter niet dat de man niet op de Schwarzeckalmabfahrt mocht lopen.

De verdediging stelde tijdens de rechtszaak dat skigebieden meer zouden moeten doen dan alleen waarschuwingsborden plaatsen. Afzonderlijke en duidelijk aangegeven routes zouden botsingen tussen afdalende skiërs en klimmende toerskiërs beter kunnen voorkomen.

Skiër zocht contact met nabestaanden

De 20-jarige verklaarde dat het ongeluk hem erg spijt. Via de geestelijke verzorging van het Oostenrijkse leger zocht hij contact met de familie van het slachtoffer om zijn excuses aan te bieden. Met de definitieve veroordeling is de strafzaak afgesloten. De bredere discussie over de combinatie van pistentoerskiërs en snel afdalende skiërs op dezelfde pistes zal door het ongeluk waarschijnlijk blijven bestaan.

Deel dit artikel:

Waar ben je naar op zoek?