Zachte winter of toch veel sneeuw? De eerste signalen weersverwachting winter 2026/2027

Het duurt nog een paar weken voordat de eerste skigebieden openen, maar de eerste signalen voor winter 2026/2027 zijn er al. Een recordsterke El Niño lijkt vrijwel zeker en verschillende seizoensmodellen berekenen een zachte, mogelijk neerslagrijke winter voor Europa. Levert dat veel sneeuw op in de Alpen, of moeten we juist rekening houden met regen en een hoge sneeuwgrens? Wij zetten de actuele verwachtingen op een rij.

In het kort

  • NOAA berekent meer dan 90% kans op een zeer sterke El Niño tijdens de herfst en winter van 2026/2027.
  • Er is 69% kans op een historisch event dat alle El Niño-episodes sinds 1950 zou overtreffen.
  • Europese seizoensmodellen tonen een duidelijk signaal voor bovengemiddelde temperaturen, maar het neerslagsignaal voor de Alpen is onzeker.
  • Hooggelegen skigebieden hebben bij zachte en vochtige omstandigheden doorgaans een voordeel boven lagere pistes.

Nog geen definitieve wintervoorspelling

Om meteen met de belangrijkste kanttekening te beginnen: in augustus kunnen meteorologen nog niet voorspellen hoeveel sneeuw er in december of januari in een bepaald skigebied valt. Seizoensmodellen tonen vooral kansen op gemiddeld zachter, kouder, droger of natter weer over een periode van meerdere maanden.

Een zachte seizoensverwachting sluit bovendien geen stevige winterinvallen uit. Ook binnen een gemiddeld zachte winter kunnen koude weken en forse sneeuwdumpen voorkomen. Andersom kan een koude maand nog steeds lange droge perioden bevatten. Zie deze winterverwachting voor 2026/2027 daarom als een overzicht van de grootschalige signalen. De details, zoals de ligging van de straalstroom, sneeuwgrens en exacte neerslaggebieden, worden pas veel dichter bij de winter duidelijk.

Mogelijk recordsterke El Niño

Een van de belangrijkste factoren voor de komende winter is El Niño. Bij dit klimaatverschijnsel ligt de temperatuur van het zeewater in het centrale en oostelijke deel van de tropische Stille Oceaan langdurig boven het gemiddelde. Dat beïnvloedt de luchtcirculatie en weerspatronen in grote delen van de wereld.

Volgens de meest recente officiële NOAA-update van 13 augustus 2026 is El Niño de afgelopen maand verder versterkt, met temperatuurafwijkingen van meer dan +2,0°C in het oostelijke deel van de tropische Stille Oceaan. De juli-waarden bedroegen +1,4°C voor het Niño-3.4-gebied, +1,7°C voor Niño-3 en +2,9°C voor Niño-1+2. Ook onder het wateroppervlak is de warmte aanzienlijk: de subsurface temperatuurafwijkingen bereikten plaatselijk +10,0°C op diepte.

NOAA berekent meer dan 90% kans op een zeer sterk event tijdens de herfst en winter van 2026/2027. Nog opvallender: voor de periode oktober tot en met december is er 69% kans op een historisch event met een RONI-waarde van +2,5°C of hoger – een niveau dat alle El Niño-episodes in de meetreeks sinds 1950 zou overtreffen. De kans dat El Niño aanhoudt tot het vroege voorjaar van 2027 bedraagt 97%.

NOAA benadrukt daarbij expliciet dat een event van deze omvang de kans op El Niño-gerelateerde effecten vergroot, maar dat die effecten niet gegarandeerd zijn.

Geen officiële ‘super-El Niño’

In verschillende media wordt bij uitzonderlijk hoge verwachtingen al snel gesproken over een ‘super-El Niño’. Dat klinkt spectaculair, maar is geen officiële meteorologische categorie. NOAA maakt onderscheid tussen zwakke, gematigde, sterke en zeer sterke El Niño. Zelfs de krachtigste categorie biedt geen garantie op een bepaald weerpatroon – iets wat NOAA ook bij deze uitzonderlijk sterke episode nadrukkelijk herhaalt.

Wat betekent El Niño voor de Alpen?

De gevolgen van El Niño zijn het duidelijkst rond de Stille Oceaan en in Noord- en Zuid-Amerika. In Europa is de relatie veel minder direct. Het winterweer in de Alpen wordt sterk beïnvloed door de Atlantische Oceaan, de straalstroom, de Noord-Atlantische Oscillatie en blokkades boven Europa.

El Niño kan deze systemen beïnvloeden, onder meer via veranderingen in de hogere atmosfeer en de poolwervel. Dat betekent echter niet dat een sterke El Niño automatisch een zachte, koude, droge of sneeuwrijke Alpenwinter oplevert.

Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat de relatie tussen El Niño en het weer boven de Atlantische Oceaan gedurende de winter kan veranderen. In sommige El Niño-winters is het patroon aan het begin westelijker en zachter, terwijl later meer kans op blokkades en koude lucht ontstaat. De onzekerheid daarbij blijft groot. Zelfs als koude poollucht verder naar het zuiden kan uitstromen, bepaalt de exacte ligging van de drukgebieden of de Alpen sneeuw krijgen of dat de kou elders terechtkomt.

Wat zeggen de Europese modellen nu?

In de Copernicus-update van 10 augustus 2026 worden de temperatuursignalen bevestigd en deels aangescherpt. Voor vrijwel heel Europa – met uitzondering van de meest oostelijke en noordelijke delen, waar het signaal iets zwakker is – blijft de kans verhoogd dat temperaturen de 80ste percentiel van de historische verdeling overschrijden. Met andere woorden: voor nagenoeg het hele continent, inclusief de Alpen, wijzen de modellen op een duidelijk bovengemiddeld warm seizoen.

Voor neerslag is het beeld genuanceerder. Copernicus signaleert in de augustusupdate verhoogde kans op een natter dan gemiddelde herfst in zuidelijke en westelijke delen van Europa. Voor de Alpen en Centraal-Europa geldt daarbij expliciet dat de onzekerheid groter is en de voorspelkwaliteit lager dan in tropische regio’s. Het neerslagsignaal voor de Alpenregio moet dan ook voorzichtiger worden geïnterpreteerd dan het temperatuursignaal.

Het zachte temperatuursignaal staat daarmee steviger dan het neerslagsignaal. Of meer neerslag ook daadwerkelijk als sneeuw valt, hangt af van de sneeuwgrens – en die wordt mede bepaald door diezelfde hogere temperaturen. Pas in de herfst ontstaat een duidelijker beeld van de luchtdrukverdeling boven de Atlantische Oceaan en Europa.

Meer neerslag betekent niet automatisch meer sneeuw

Voor wintersporters klinkt een neerslagrijk signaal interessant. Toch kun je neerslag in een seizoensmodel niet rechtstreeks vertalen naar een dikke laag sneeuw op alle pistes. Bij koude lucht kan neerslag tot diep in de dalen als sneeuw vallen. Ligt de temperatuur enkele graden hoger, dan stijgt de sneeuwgrens en valt op lagere pistes regen. Vooral skigebieden met veel afdalingen onder ongeveer 1500 meter zijn gevoelig voor zulke schommelingen.

Hooggelegen skigebieden hebben bij een zacht en neerslagrijk patroon betere papieren. Boven 2000 meter kan neerslag alsnog regelmatig als sneeuw vallen. Ook daar kunnen warme luchtmassa’s tijdelijk voor regen, natte sneeuw en dooi zorgen. Een mogelijke combinatie van zachte lucht en veel neerslag kan grote regionale verschillen veroorzaken: veel sneeuw in het hooggebergte, lastige omstandigheden in de dalen.

Nog geen signaal voor een vroege winterstart

Voor een vroege en sneeuwrijke winterstart in oktober of november bestaat op dit moment geen duidelijke onderbouwing. De eerste seizoensmodellen tonen voor de late herfst eerder een zacht en wisselvallig patroon. Dat sluit een tijdelijke vroege winterinval niet uit – een noordelijke stroming kan ook in oktober of november voor sneeuw tot in de dalen zorgen – maar zulke situaties zijn in augustus nog niet voorspelbaar. Of skigebieden vroeg kunnen openen hangt bovendien niet alleen van natuursneeuw af. Temperatuur, luchtvochtigheid en de mogelijkheden voor kunstsneeuw spelen eveneens een belangrijke rol.

De 100-jarige kalender voorziet een koude december

Naast moderne weermodellen wordt ieder jaar ook de 100-jarige kalender van stal gehaald. Volgens deze kalender valt het grootste deel van winter 2026/2027 in het zogenoemde Mercuriusjaar, dat loopt van 22 maart 2026 tot en met 21 maart 2027.

NovemberNovember begint met een mooie periode van 1 tot 3 november. Van 4 tot 5 november staat veel wind. Op 6 en 7 november valt regen. Van 8 tot 15 november is het opnieuw mooi, zij het met af en toe mist en bewolking. Op 16 november treedt de eerste vorst in. Van 17 tot 26 november wisselen bewolking en vorst elkaar af. De maand eindigt van 27 tot 30 november met aanhoudende regen.
DecemberVoor december voorziet de kalender een uitgesproken winters verloop: op 1 december zou veel sneeuw vallen, gevolgd door stormachtige wind en opnieuw sneeuw rond 5 december. Van 7 tot 19 december zou het zeer koud zijn. De periode van 20 tot 28 december laat echter een opvallende verandering zien: de kalender voorziet dan regen, met alleen op hogere lagen sneeuw die blijft liggen – een patroon dat meer op de wetenschappelijke modellen lijkt dan op een klassieke midwinter. Eind december (29-31) zou het opnieuw sneeuwen met ijzige kou.
JanuariJanuari 2027 zou vrijwel volledig in het teken staan van grote kou, met pas op de laatste dag een milde onderbreking.
FebruariDe maand begint met bewolkt maar mild en aangenaam weer. Van 3 tot 6 februari volgt bewolkt en koud weer. Op 8 februari is het mooi, maar valt ook regelmatig regen. Van 13 tot 16 februari zetten sneeuw en strenge kou opnieuw in. De tweede helft van de maand geeft de kalender geen verdere bijzonderheden aan.
MaartMaart begint van 6 tot 9 maart met vochtig weer en veel regen. Van 13 tot 15 maart volgt opnieuw regen. Van 18 tot 20 maart komen ijs en gladheid erbij. Van 21 tot 28 maart komt er weer met stormachtige windvlagen in. De maand sluit op 31 maart af met regen.

Daarmee wijkt de kalender voor december en januari duidelijk af van de wetenschappelijke seizoensmodellen, die juist een bovengemiddeld zachte winter berekenen. De periode 20-28 december vormt een opvallende uitzondering: daar loopt de kalender juist parallel aan de modellen.

Het is belangrijk om te benadrukken dat de 100-jarige kalender geen wetenschappelijke weersverwachting is. Het systeem is gebaseerd op astrologie en het idee dat het weer zich volgens een cyclus van zeven planeetjaren herhaalt. Voor die werkwijze bestaat volgens meteorologen geen wetenschappelijke basis.

Voorlopige winterverwachting 2026/2027

Alles bij elkaar wijzen de eerste serieuze signalen op een waarschijnlijk zachte en mogelijk vrij neerslagrijke winter 2026/2027. Hooggelegen delen van de Alpen kunnen bij voldoende neerslag regelmatig veel sneeuw krijgen. In lagere en middelhoge skigebieden wordt de hoogte van de sneeuwgrens waarschijnlijk een belangrijk aandachtspunt.

Een zeer sterke El Niño maakt de winter extra interessant, maar geeft nog geen eenduidige sneeuwverwachting voor de Alpen. Koude en sneeuwrijke perioden blijven mogelijk, ook wanneer de winter als geheel uiteindelijk zachter dan gemiddeld verloopt.

Het is daarom nog veel te vroeg om op basis van deze modellen een skigebied te kiezen of juist te vermijden. In de herfst worden de verwachtingen geleidelijk bruikbaarder. Vooral vanaf oktober en november krijgen we een beter beeld van de oceaantemperaturen, poolwervel, straalstroom en mogelijke verdeling van de neerslag.

Wanneer volgt de volgende update?

De volgende officiële NOAA ENSO-update verschijnt op 10 september 2026. Copernicus publiceert zijn nieuwe seizoensverwachting ook op 10 september. Wij blijven de ontwikkelingen volgen en komen richting de herfst met nieuwe winterverwachtingen. Pas dichter bij de seizoensstart kunnen we beter inschatten of de Alpen een zachte, natte, droge of misschien toch verrassend sneeuwrijke winter tegemoetgaan.

Veelgestelde vragen over winter 2026/2027

Wordt winter 2026/2027 zacht?

De eerste seizoensmodellen tonen een verhoogde kans op bovengemiddelde temperaturen in Europa. Dat betekent niet dat iedere maand zacht verloopt. Koude en sneeuwrijke perioden blijven mogelijk.

Zorgt El Niño voor meer sneeuw in de Alpen?

Niet automatisch. El Niño kan de grootschalige luchtcirculatie beïnvloeden, maar het effect op Europa is indirect. De ligging van de straalstroom, drukgebieden en sneeuwgrens bepaalt uiteindelijk hoeveel sneeuw in de Alpen valt.

Krijgen hooggelegen skigebieden meer sneeuw?

Bij een zacht en neerslagrijk patroon hebben hooggelegen skigebieden de beste kans dat neerslag als sneeuw valt. Hoeveel sneeuw er daadwerkelijk komt, is in augustus nog niet te voorspellen.

Is de 100-jarige kalender betrouwbaar?

Nee. De 100-jarige kalender is gebaseerd op astrologie en een vermeende cyclus van planetenjaren. De methode heeft geen wetenschappelijke voorspellende waarde.

Hoe betrouwbaar is een winterverwachting in augustus?

Een seizoensverwachting kan vroege signalen geven voor temperatuur en grootschalige luchtcirculatie. Neerslag, sneeuwgrens en regionale sneeuwhoeveelheden zijn op deze termijn veel onzekerder.

Deel dit artikel:

Waar ben je naar op zoek?