De extreem warme en droge zomer heeft in Zwitserland opvallend genoeg niet geleid tot lege waterreservoirs bij de skigebieden. Uit een rondvraag van NZZ am Sonntag blijkt dat bijna twaalf grote skigebieden voldoende water hebben voor de sneeuwproductie. Onder meer in St. Moritz, Adelboden-Lenk en Zermatt zijn de reservoirs volledig gevuld. Daarmee is een belangrijke voorwaarde voor de start van skiseizoen 2026/2027 geregeld, al moeten de temperaturen straks natuurlijk wel voldoende dalen.
In het kort
- Grote Zwitserse skigebieden hebben voldoende water voor de sneeuwproductie.
- In St. Moritz, Adelboden-Lenk en Zermatt zijn de reservoirs helemaal gevuld.
- Alleen een langdurig zachte herfst kan de productie van kunstsneeuw nog vertragen.
Voldoende water ondanks droge zomer
De zomer van 2026 was in Zwitserland bijzonder warm en droog. Rivieren en meren kregen te maken met lage waterstanden en op veel bergtoppen verdwenen oude sneeuwvelden sneller dan normaal. Toch blijken de reservoirs van verschillende skigebieden goed gevuld te zijn.
Dat komt volgens de rondvraag van NZZ am Sonntag onder meer door stevige onweersbuien in de bergen. Daarnaast zorgden de hoge temperaturen voor veel smeltwater. Dat water kon in de speciaal aangelegde opslagmeren worden opgevangen.
Zermatt verwacht geen beperkingen
In Zermatt zijn de reservoirs helemaal gevuld. Martin Hug, directeur van Zermatt Bergbahnen, laat aan de Zwitserse krant weten dat er op basis van de huidige situatie geen beperkingen voor de sneeuwproductie worden verwacht.
Ook St. Moritz en Adelboden-Lenk hebben voldoende water opgeslagen. De skigebieden gebruiken dit water vooral in november en december. In deze periode wordt met sneeuwkanonnen doorgaans een eerste stevige basislaag op de pistes aangelegd.
Inmiddels kan ongeveer 54% van alle pistes in Zwitserland technisch worden besneeuwd. Dat aandeel neemt nog altijd toe, doordat skigebieden blijven investeren in opslagmeren, leidingen en efficiëntere sneeuwinstallaties.
Sneeuwkanonnen kunnen nog niet direct aan
Dat de reservoirs vol zijn, betekent niet dat de sneeuwkanonnen nu al kunnen worden aangezet. Voor de productie van kunstsneeuw zijn voldoende lage temperaturen en een gunstige luchtvochtigheid nodig. Vooral de zogenoemde natteboltemperatuur is daarbij bepalend.
Een zonnige en droge herfst hoeft daarom niet direct een probleem te zijn. Als het ’s nachts koud genoeg wordt, kunnen de sneeuwinstallaties alsnog draaien. Een langdurig zachte herfst of een warme start van december kan de voorbereidingen op het skiseizoen wel vertragen.
De waterbeschikbaarheid lijkt daarmee voorlopig niet het grootste risico. De skigebieden wachten vooral op geschikte koude periodes om de opgeslagen miljoenen liters water daadwerkelijk in sneeuw te veranderen.
Groot netwerk in Adelboden-Lenk
Hoe belangrijk sneeuwproductie is geworden, blijkt onder meer in Adelboden-Lenk. Het skigebied beschikt volgens internationale persberichten over ongeveer 210 sneeuwkanonnen, 50 sneeuwlansen en tientallen kilometers aan ondergrondse waterleidingen. Naar schatting kan circa 70% van de pistes technisch worden besneeuwd.
De installaties hebben bovendien een tweede functie. Bij natuurbranden kunnen helikopters water uit de reservoirs halen. Met de leidingen en sneeuwinstallaties kunnen ook stukken terrein nat worden gehouden om de verspreiding van vuur tegen te gaan.
Kou bepaalt de start van de winter
De Zwitserse skigebieden zijn wat de watervoorraad betreft dus klaar voor winter 2026/2027. Nu is het wachten op voldoende kou. Komen er in november en december meerdere geschikte sneeuwproductievensters, dan kunnen de kanonnen inderdaad op volle kracht aan.












